Was ik door mijn proefabo op NRC Next toch bijna de column van Aleid Truijens misgelopen, vandaag in de Volkskrant. Googlenews maakte mij er toch nog op attent. Eerst maar eens een selectie uit haar column, volledig uit het verband gehaald natuurlijk.
Dit kabinet moet voorkomen dat een kwart van de volgende generaties het leven door moet zonder goed te kunnen lezen, schrijven of rekenen. Sluit de route mbo-pabo af.
Een opleiding die niks voorstelt, daar wil je niet heen.
Op het mbo en hbo loop je het risico in zeven jaar competentieleren, met boterzachte eindtermen, weinig kennis op te steken. Zo komen er al jaren mensen voor de klas die de basisvaardigheden zelf nauwelijks beheersen.
Je kunt het onderwijs op veel manieren verbeteren, maar één manier is verreweg het effectiefst: verhoog het opleidingsniveau van de mensen voor de klas. Een sprankje hoop biedt de nieuwe universitaire pabo die dit jaar in Utrecht van start gaat.
Diploma’s stapelen is prachtig, maar haal na het vmbo-t eerst maar eens het havo en daarna eventueel het vwo. Dat biedt enige garantie voor het abstractieniveau van studenten.
Bron: de Volkskrant
Tot zover mevrouw Truijens. Ook van onze studenten maakt een substantieel deel gebruik van de MBO route om op de PABO in te stromen. Zelf ben ik niet precies op de hoogte van de verschillen in bijvoorbeeld studiesucces of abstractieniveau van de verschillende groepen studenten. Ik ga daar op dit moment dus ook geen uitspraken over doen. Wel vind ik dat Aleid Truijens erg gemakkelijk de zwarte piet bij de MBO-PABO route legt voor de teloorgang van het onderwijs, laten we dat met een korreltje zout nemen. De discussie die zij een nieuwe impuls geeft is echter wél interessant.
Natuurlijk spreekt het Finse model ook mij aan. Het zou een geweldige kwaliteitsimpuls voor het onderwijs betekenen als meer academici in het onderwijs zelf werkzaam zijn (of blijven…). Vaak zijn deze mensen alleen werkzaam in beleids- en adviesfuncties buiten de scholen. Of stromen, zoals in mijn geval, door naar het HBO. Met de universitaire lerarenopleiding in Utrecht wordt een begin gemaakt om het opleidingsniveau van de leerkrachten te verhogen. Als over vier jaar deze studenten klaar zijn met hun opleiding moet er vervolgens ook op de scholen voor worden gezorgd dat hun expertise op een goede manier kan worden ingezet en behouden. Professionele samenwerking binnen het team, uitgaande van ieders kwaliteiten en talenten kan dan niet meer vrijblijvend zijn. Dat deze startende leerkrachten automatisch wél zelf voor de klas blijven staan is immers niet zomaar gezegd.
Discussiepunt van Aleid Truijens ter afsluiting: kinderen met een leerkracht die de MBO-PABO route volgde in haar opleiding lopen een verhoogde kans op leerachterstanden. Oriënteer je jezelf als ouder op het opleidingsniveau van de leerkrachten op de school van jouw keuze? Vind je dat noodzakelijk? Bepaalt het mede je keuze?
